Guy Debord is een helse machine die moeilijk te ontmijnen is. En toch heeft men het geprobeerd. En probeert men het nog steeds. Men probeert hem te neutraliseren, te verzachten, te esthetiseren, te banaliseren. Niets helpt. De dynamiet blijft erin en riskeert te exploderen in de handen van degenen die het willen ontmijnen.
Midden jaren zestig. Raymond Borde is een vermaard filmcriticus. Zijn specialiteit: de erotische film. Op lyrische wijze schrijft hij over ‘het zoete, zeer zoete droombeeld’ van lesbiennes die in een somber kasteel opgesloten worden. Hij beschrijft hoe in het leven van de man het opduiken van de eerste lesbiennes op het witte doek ‘de opborreling van het meest natuurlijke wonder ter wereld’ met zich meebrengt. ‘Dat gebeurt rond het zestiende jaar. (...) Maar meedogenloze regels leggen deze waanzin het zwijgen op. Op de eerste plaats is er niemand die op dit droombeeld antwoordt. Het poogt zich tevergeefs te objectiveren.’
Als Frans filosoof, geboren in de Pyreneeën bij de aanvang van de eeuw, zal Henri Lefebvre betrokken worden bij alle grote filosofische debatten van de ‘moderne wereld’.
Op zijn vijftiende leest hij Nietzsche en Spinoza. Maar in feite beoogt hij een carrière als ingenieur. Door een ernstige pleuritus is hij evenwel genoodzaakt zijn voorbereidende studies aan de Ecole Polytechnique van het lycée Louis-le-Grand stop te zetten, en vertrekt hij naar Aix-en-Provence om rechten en filosofie (...)
Dit essay verscheen in de kunstkrant De Witte Raaf, (123), september 2006. Zie ook http://www.dewitteraaf.be/web/flash/default.asp.
De eerste aanzet tot de kritiek van het dagelijks leven -‘een soort intuïtie’ - vond Lefebvre, naar eigen zeggen voor zijn overgang tot het marxisme, in de revolte van de jaren na de Eerste Wereldoorlog. Het was de tijd waarin het surrealisme zijn hoogtepunt kende.
De kritiek van het reële door het surreële, dat door de surrealisten beoogd werd, betekende op zich reeds een kritiek van het dagelijkse leven. Door het dagelijkse te overstijgen en ‘het wonderbaarlijke’ (le merveilleux) te (...)
Ken Knabb’s translations from the Situationist International plus Knabb’s own writings on radical topics from the 1960s to the present.
